12.09.2022
Een oudere man met zijn vrouw. Beiden in de tachtig. De man is chique gekleed. Aan zijn voeten prijken Spaanse schoenen met een gesp. ‘Die draag ik niet altijd maar nu ik naar de winkel kom wel. Hier gekocht. Ik heb er nog meer.’ Zijn vrouw is eveneens chique gekleed. Ze heeft een stok. Loopt op teenslippers met glitters. Ik kijk naar haar voeten. Een misselijkmakend gevoel maakt zich van mij meester. Rood gelakte nagels, knobbels op haar tenen. Er komt pus uit. Met pleisters heeft ze ze beplakt.
Voor de herfst en de winter zoekt ze schoenen. Ze kan niet langer op haar teenslippers blijven lopen. Ze heeft aangepaste schoenen maar die doen haar zeer bij de enkels. Bij het ziekenhuis weten ze het ook niet meer. Ik pak veterschoenen van een Oostenrijks merk. Ik zeg haar dat het geen garantie is of het nu wel gaat lukken. Als ze ze aan heeft schuifelt ze door de winkel. Ik zie haar achterkant. Ze draagt een pruik. Na het uittrekken van de nieuwe schoenen heb ik wat van mijn afschuw voor haar voeten overwonnen. Voorzichtig schuif ik de slippers met glitters weer om haar tenen. Ze neemt de nieuwe.